NRC recensie

Van de kaart NRC

Ronald Hoeben 7 april 2012

Een van de leukste restaurants van de hoofdstad was Marius in de Barentszstraat. Een eethuis met aanschuiftafels volgens het table d’hôte-principe, waar je bekookt werd door één kok die ook nog een groot deel van de bediening voor zijn rekening nam. De kaart was een handgeschreven A4’tje, volgekrabbeld met een marktmenu op basis van de boodschappen van die ochtend, aangevuld met een paar vaste ‘specialiteiten’.

Patron cuisinier Kees Elfring had ooit het omhulsel van een verlaten koffiehuis betrokken en er het interieur nagenoeg onaangetast gelaten. Dat werd dus Marius (tevens een film van Marcel Pagnol, naar wie de ‘grande bouillabaisse’ op de kaart vernoemd is) en je zat er in een kringloopwinkelachtige huiskamer zo lekker te eten dat je geen interieurdesign miste en graag een volwassen menuprijs neertelde.

Ik gebruik hier de verleden tijd omdat Marius na tien jaar is verhuisd – weliswaar in de straat –, vernieuwd en bovendien uitgebreid. Marius en Worst heet de nieuwe onderneming, die zich nu bevindt op twee huisnummers: 171 en 173.

De ene helft is het Marius-plot van weleer en de andere helft is het eerste ‘worstrestaurant’ van de stad (en daarmee waarschijnlijk ook van het land) waar Elfring een ‘podium voor charcutiers’ wil bieden, veel wijnkeus en de mogelijkheid voor een Amerikaans ontbijt op zondag. Een verklarende video-impressie van dit concept is te zien op het Honger & Dorst-blog op nrc.nl.

Bij Marius zijn de huiselijk geblokte tafelkleedjes en de boekenplankjes gehandhaafd, maar nu in een fris, nieuw, overwegend blond-houten interieur. Het wemelt van het personeel, maar de kaart is nog het vertrouwde A4’tje met een viergangenmarktmenu van 47,50 euro. Er komen boerenbrood, een schaaltje olijven en plakken worst van Brandt & Levie.

We beginnen met langzaam gegaarde kabeljauw op spinazie en lamsoren met aubergine, venkel en een pittige smaakinjectie van harissa. Een voorbeeldige risotto met doperwten en langoustines tegenover warme vitello tonnato (een van de ‘huisspecialiteiten’) zijn de tussengerechten.

De wijnsuggestie van de dag was een Grüner Veltliner, we zijn overgeschakeld op Albariño van Terras Gauda (44 euro).

Het hoofdgerecht is rosé gebraden runderribstuk met witte boontjes, stoofvlees, palmkool en wortel. En een visversie daarvan op basis van heilbot. In plaats van een dessert te kiezen, delen we een kaasplankje.

Het gebodene van Marius is onveranderd uniek: een simpele maaltijd op hoog niveau zonder optisch effectbejag en met veel pure smaak. De herboren Marius is niet alleen een van de leukste, maar ook een van de beste restaurants van Amsterdam.